Nieuws

Cruijff weer even terug in Betondorp

Vlak voor de WK-gekte losbarstte kregen de bewoners van Betondorp vast een voorproefje van het voetbalfestijn. Johan Cruijff zelf kwam er het veertiende Cruyff Court openen. Daar liep de hele buurt voor uit.

Wie een omkooid veldje verwacht, heeft het mis. Het nieuwe Cruyff Court heeft meer weg van een park: niet alleen een kunstgras voetbalveld, maar ook een speeltuin, een basketbalveld en een outdoor fitness-studio zijn verrezen op het voorheen wat saaie stuk gras langs de A10.

En dan wordt de nieuwe buurtvoorziening ook nog geopend door de levende legende zelf. Gestoken in een oranje jasje en geflankeerd door burgemeester Van der Laan aan de ene kant en een fanatiek uitziende, mollige beer aan de andere kant (de mascotte van de Cruyff Foundation), worstelt hij zich door een menigte toegestroomde fans.

In het kluitje dat zich rondom Cruijff verzamelt moeten vooral de vaders hun jonge kinderen overtuigen van het feit dat hier toch wel echt iets heel bijzonders gebeurt: de nummer 14 weer even terug in de wijk waar hij zijn eerste balletjes trapte. “Is dat ’m, papa?” Nee niet die jonge jongen, maar die man ernaast. “Die oude meneer bedoel je?” “Ja, inderdaad ja, die oudere man.” “Jeetje zeg, wat oud.” “Eh… ja, maar hij kon vroeger heel goed voetballen.”

Onder de toeschouwers bevindt zich ook John Hoefsmit. Hij is de huidige bewoner van het huis waar de beroemdste Betondorper vanaf zijn twaalfde met zijn moeder woonde. Cruijff moet in de nauwe straten en doorgangen heel wat afgetrapt hebben met zijn vriendjes, maar van de aanwezigheid van de voetballer is er in het huis niet veel meer te bekennen, aldus Hoefsmit. “Soms staan er wat toeristen voor je huis, dat is alles.”

Een paar jaar terug was er sprake van een manshoog Cruijffbeeld dat in de voortuin zou moeten komen. Maar daar stak zijn moeder een stokje voor. Voor zover Hoefsmit weet heeft de echte Cruijff zich nooit meer laten zien in het huis in de Weidestraat. “Dit is de eerste keer dat ik ’m zie. Geen knapperd in het echt, maar wel populair.” Ach, zo heeft iedereen wel wat, relativeert hij grijnzend. “Wij zijn armer, maar ook beroemd. We wonen toch in zijn huis?”

Hij wil eigenlijk vragen of Cruijff zin heeft om een kijkje te nemen in zijn oude woning – “om te laten zien wat wij ervan gemaakt hebben” – maar de oud-voetballer heeft het te druk. Hij heeft een Cruyff Court te openen. Op de middenstip wordt de buurt getrakteerd op een Cruijffiaanse tegeltjeswijsheid. “Als je niet 100 procent inzet, kan je er niet 100 procent uithalen.”

En hij geeft een inkijkje in hoe het er vroeger was. “Als je hier weer komt gaat er even van alles door je heen. De straat was van ons, er waren hier geen auto’s. De sociale controle was hier enorm. Als ik vijf minuten te laat op school was, wist mijn moeder het al als ik thuis kwam. Ondanks de andere omstandigheden, moeten we proberen om kinderen eenzelfde jeugd te geven als ik vroeger had hier.”

Even later voegt hij eraan toe: “Het was toen een totaal andere samenleving. Die wil je weer terugbrengen.”

“Nou mottie ophouwe,” moppert een oud-Betondorper. “Dat sentimentele geouwehoer.” Alsof de legende het gehoord heeft, besluit hij prompt zijn toespraak. Even later geeft hij een handig lobje richting de presentator: de eerste wedstrijd is afgetrapt.

Lees ook:
Cruijff is tegen! (14-06-2013)