Het Vondelpark is sinds 11 mei verboden terrein voor fatbikes. Als het aan het stadsdeelbestuur Oost had gelegen was het verbod ook ingegaan voor het Oosterpark, Ed Pelsterpark, Albert Wittenbergplein, Hildo Kropplein, Sumatraplantsoen en winkelcentrum Oostpoort.
Het liefst zou het bestuur van Oost zien dat alle parken in Oost verbodtechnisch als eerste aan de beurt kwamen. Maar de gemeenteraad koos in samenspraak met het gemeentebestuur voor het Vondelpark (stadsdeel Zuid). Niet dat stadsdeel Zuid daar nu heel hard voor had gepleit. Zuid wilde graag meedenken over de plekken waar een verbod zou worden ingevoerd en schreef voorzichtigjes: “we denken bijvoorbeeld aan het Vondelpark”.
Ook harde cijfers over overlast in het Vondelpark wist stadsdeel Zuid niet op te lepelen. Het gemeentebestuur had hier wel om gevraagd. De cijfers moesten betrekking hebben op bij de politie gemelde incidenten met fatbikes. Zo’n incident zou kunnen bestaan uit “gedragingen die onder meer bestaan uit lastigvallen van voetgangers en hardlopers, het bespugen en naroepen van mensen, het opzettelijk dicht langs personen rijden, gevaarlijk rijgedrag op drukke plekken en het hinderen van andere weggebruikers.”
Alleen Zuidoost en Oost waren in staat hun pleidooi voor maatregelen tegen fatbikes met cijfers te onderbouwen. In Zuidoost waren er tot (bijna) het einde van vorig jaar 140 incidenten met fatbikes, in Oost waren dat er 340. Die 340 is ongeveer de helft meer dan in 2024, en ten opzichte van 2022 is het procentueel bijna niet uit te drukken want toen waren er in Oost nog maar 3 meldingen van incidenten met fatbikes. Dit laatste is ook weer niet heel raar want de fatbike stond toen nog aan het begin van zijn opmars op – en naast – de fietspaden.
Behalve overlast in parken en op pleinen zorgen fatbikes in Oost, volgens de statistieken, ook voor veel overlast op de grote doorgaande fietspaden zoals die in de Linnaeusstraat-Middenweg, de Insulindeweg-Wijtenbachstraat, en de IJburglaan-Pampuslaan-Nesciobrug. Maar hier een fatbikeverbod instellen zou, zo werd geredeneerd, niet erg realistisch zijn. “Dit zou betekenen dat fatbikegebruikers grote hoofdroutes niet meer mogen nemen, en dus via omwegen en zijstraten een weg naar school of werk gaan vinden.” Oost vroeg het gemeentebestuur een (andere) list te verzinnen om fatbikes – en meteen ook bakfietsen – van het fietspad te kunnen weren.
Binnen de (oude) stadsdeelraad Oost werd nog wel verschillend gedacht over de haalbaarheid van een gebiedsverbod voor fatbikes in Oost of elders in Amsterdam. De juridische onderbouwing van de maatregel zou niet zo heel sterk zijn en daarom zou het beter zijn helemaal geen verbod op te leggen. In plaats daarvan zou strenger tegen overtreders moeten worden opgetreden of zou het gemeentebestuur bij het kabinet moeten pleiten voor een landelijke helmplicht en minimumleeftijd voor fatbikers. Het idee om strenger op te treden haalde de eindstreep van de discussie in Oost niet, de oproep tot helmplicht en minimumleeftijd wel.
En wat bleek eind april? Minister Karremans van Infrastructuur lijkt naar Oost – en het moet gezegd ook alle andere stadsdelen en vele anderen binnen en buiten Amsterdam – te hebben geluisterd. Hij kondigde aan dat het kabinet van plan is om in 2027 een helmplicht in te voeren voor minderjarige bestuurders van fatbikes. De helmplicht zou ook gaan gelden voor e-bikes en andere lichte elektrische voertuigen zoals e-steps, want aparte regels maken voor fatbikes is volgens de minister ondoenlijk.


