De middelbare school, zijn sportclub en de kerk. Het leven van atleet Elvis Afrifa (28) heeft zich altijd afgespeeld in Amsterdam-Oost. Hij traint bij AV’23 op Sportpark Middenmeer.
Op weg naar het proeflokaal van Poesiat & Kater bij Oostpoort passeer ik een abri met de beeltenis van Elvis Afrifa, die genomineerd is voor de publieksprijs Amsterdamse sportman van het jaar. Als hij het etablissement binnenwandelt heeft hij zijn sportkleding ingewisseld voor een dikke jas en dito muts. Sportief gezien was 2025 een prima jaar voor de sprinter. Bij het WK in Tokyo haalde hij de halve finale op de 100 meter en won hij met de 4×100 meter-estafetteploeg een bronzen medaille.
“Een vriend van me werkte hier vroeger, zo kwam ik hier en leek het me leuk om op deze plek af te spreken,” zegt hij terwijl hij in zijn havercappuccino roert.
Als sportman ben je niet zo van de bieren die hier gebrouwen worden?
“Buiten het seizoen kan dat best af en toe en vind ik het chill omgewoon met vrienden ergens wat te gaan drinken. Zoals hier. In het seizoen niet, dan wil ik gewoon fit blijven.”
Moet je streng voor jezelf zijn?
“Als je traint voor een wedstrijd of een kampioenschap dan is alcohol slecht voor je herstel. Ik drink havermelk niet omdat ik vegan ben, maar omdat ik niet tegen koemelk kan. Met mijn diëtist heb ik onlangs een nieuw eetplan gemaakt en alles dat ik eet houd ik bij en fotografeer ik. Doel voor dit seizoen is om minder zwaar te worden, maar wel sterk te blijven. Het wordt een project van heel goed eten. Geen snacks dus, want dat is zonde van de calorieën. Maar wel kwark, zuivel, kip en brood.”
Wie zit er nog meer in jouw begeleidingsteam?
“Natuurlijk mijn coach Guido Bonsen, die onder meer de trainingsschema’s maakt. Daarnaast heb ik een fysiotherapeut in Almere, hij heeft me in het verleden ook goed geholpen om te herstellen van verschillende blessures. Ik kan ook naar een sportpsycholoog gaan wanneer ik dat nodig vind. En natuurlijk helpen vrienden en familie me.”
Is het eigenlijk lastig om topsporter te zijn?
“Het trainen is het makkelijkste. Luisteren en uitvoeren wat de coach zegt. Daarnaast is het belangrijk om voldoende te rusten, je voeding goed op orde te hebben, de planning bij te houden en te checken hoe je er mentaal in staat. En zeker, soms is het lastig omdat ik veel weg ben terwijl mijn vrienden hier leuke dingen doen. Toen ik een keer een zomer geblesseerd was ben ik met vrienden voor het eerst naar Lowlands gegaan. Dat is echt een van de leukste ervaringen die ik ooit gehad heb. Op de camping zitten, hangen, muziek luisteren en nieuwe mensen ontmoeten. Geweldig!”
Je sport hier iets verderop, bij AV’23.
“Sinds tien jaar ben ik lid, ik begon eigenlijk heel laat met atletiek. Daarvoor heb ik gevoetbald bij SV Diemen, maar ik had niet echt talent voor voetbal, maar kon vooral heel hard rennen. AV’23 is een hele gezellige club met ook een grote jeugdafdeling.”
Je studeert iets verderop, op Science Park.
“Aan de UvA studeer ik informatiekunde. Ik ben geen superstudent en had het graag allemaal wat sneller gedaan, maar de afgelopen jaren met heel veel reizen, wedstrijden en trainingen waren best vermoeiend en soms ook moeilijk te combineren.”
Wat zijn je doelen voor 2026?
“Ik doe het EK in Birmingham en daar wil ik het op de 100 meter graag goed doen. Het liefst voor een medaille. Een goede tijd lopen is belangrijk, maar een medaille is veel belangrijker. Daarna het WK en uiteindelijk draait alles natuurlijk om de 100 meter op de Olympische Spelen 2028 in Los Angeles.”
Zullen we van LA een sprongetje maken naar Amsterdam-Oost?
“Mijn middelbare school was hetPieter Nieuwland College op de Nobelweg. Ik zat eerst op het Cygnus Gymnasium, maar deed daar helemaal niks en toen moest ik weg. Na de middelbare school ben ik naar de UvA gegaan. Informatiekunde is een soort informatica, maar dan met iets minder programmeren. Meer de data science-kant en het echte informatie verwerken.”
Met je moeder ging je hier wekelijks naar de kerk bij De Bron.
“Ik mijn hoofd voelt het alsof ik er tienduizend zondagen geweest ben. Natuurlijk zijn de diensten langdradig, maar het is ook mooi om te zien hoe het er in een Ghanese dienst aan toe gaat. Met veel samenzang en gezelligheid. Ik ga eigenlijk niet vaak meer, mijn ouders wel.”
In welke restaurants kom je graag?
“In Polder op Science Park, dat is ook praktisch omdat het naast de UvA ligt. Een chille plek waar ook veel vrienden komen. Ze hebben er lekkere broodjes en goede tosti’s. Het broodje kip met saus is mijn favoriet.”
Waar koop je jouw sportspullen?
“Vroeger bij Decathlon naast de Johan Cruijff Arena, maar nu krijg ik alles van Nike en hoef ik niets meer te kopen.”
Waar ga je naartoe als je de stad verlaat?
“Binnenkort vliegen we naar Zuid-Afrika voor een trainingsstage om vervolgens door te gaan naar Botswana om een toernooi te lopen.”


