Column

Een onveilige omgeving

Mijn vrouw: Kenden we deze mannengriep al?
Ik: Nee, deze mannengriep kenden we nog niet.
Mijn vrouw: Hoe begon de griep?
Ik: De griep begon met koorts opnemen.
Mijn vrouw: Hoeveel wees de thermometer aan?
Ik: De thermometer stond op 36.8 graden.
Mijn vrouw: Geen verhoging dus.
Ik: Dus heb ik een nieuwe thermometer gekocht.
Mijn vrouw: Wat wees de nieuwe thermometer aan?
Ik: 36.8 graden.
Mijn vrouw: En toen?
Ik: Paracetamol 1000 genomen.
Mijn vrouw: Griepprik?
Ik: Al in november.
Mijn vrouw: Bent u teleurgesteld in de griepprik?
Ik: De griepprik kende deze griep nog niet. Waarom zeg je ‘u’ tegen mij.
Mijn vrouw: Omdat je in je hypochondrische fase iemand wordt die ik niet ken.
Ik: Hypochondrie? Vanmorgen had ik 37.8!
Mijn vrouw: Dat wordt niet beschouwd als koorts.
Ik: En toen ik net weer opnam, het is nu 12.22 uur, had ik 37.9.
Mijn vrouw: Oei, zal ik een sinaasappel voor je uitpersen?
Ik: Neem je me nu in de maling?
Mijn vrouw: Wil je sinaasappelsap of niet?
Ik: In de krant stond dat dat slecht is voor je maag.
Mijn vrouw: Mannen zijn mietjes.
Ik: Deze omgeving wordt door mij als onveilig ervaren. Met mijn snot is ook iets vreemds aan de hand, hij wás doorzichtig, wat op een virus duidt en is nu groen, bacterieel dus. Ik ga de dokter om antibiotica vragen.
Zij: Je bent tevens niet goed bij je hoofd. Vraag naast de antibiotica om een strip oxazepam.