Nieuws

Cityfarming II: ‘Albinio’

Meestal zijn ze rood, maar dit jaar ook wit en ze dragen de naam ‘Albinio’. Ja, ik heb het over bietjes! Tot voor kort wist ik niet dat rode bietjes ook wit kunnen zijn. Al farmend leert men.

Van bieten, rood en wit, kun je het jonge blad heel mooi in salades gebruiken, mits de IJburgse slakkengemeenschap je niet voor is geweest natuurlijk.

De witte variant smaakt iets minder aards dan de rode, maar is minstens net zo zoetig. Heel fijn is dat deze beduidend minder ‘bewijs’ achterlaat op vingers van nagelriemplukkende vrouwen, waar ik er helaas één van ben. En dat is dan weer erg handig als je de volgende dag aan een vergaderlunch moet aanzitten. Deze cityfarmer heeft naast de moestuin ook nog andere ambities.

Een ander ding is dat bietjes mij aan mijn moeder doen denken; die heeft zo’n manier van bereiden dat het water me in de mond spuit als ik er alleen maar aan denk! Dunne plakjes met een uitje, azijn en een beetje suiker, afdekken, wat gewicht erop en lekker laten intrekken. Als ik d’r dan vraag hoe het recept dan precies in elkaar steekt, komt ze met vaagheden als schepje dit, scheutje zo. Ik doe dan thuis ook braaf schepje dit, scheutje zo maar… ach.

Nou goed, we eten nu alweer een paar weken de heerlijkste bietjes uit eigen tuin. Meestal maak ik ze in de oven, waardoor ze extra zoet lijken te smaken.

Zoonlief meldde wel ‘de dag erna’ dat hij de rode biet leuker vond, want: “Nu moet ik helemaal niet die-kleur-waarvoor-je-moet-stoppen-plassen, mama!”

Bietjes met ricotta
Als je nog geen bieten uit eigen tuin hebt, neem dan biologische bietjes!
Bietenloof eraf draaien en verder alleen heel goed schoonmaken. Maak een mengsel van olijfolie, balsamicoazijn, knoflook en rozemarijn. Meng de bietjes erdoor en zet in het midden van de oven. Laat langzaam garen op bijvoorbeeld 150 graden, prik er af en toe even in. De schil kun je er later afhalen maar ook opeten. Opdienen met peper, zout en koele ricotta.

Sinette Hesselink