Schrijver Judith Koelemeijer: ‘In de Albert Heijn hoor je nog plat Amsterdams’

Judith Koelemeijer (59) woont sinds 2005 in Watergraafsmeer. In 2001 brak ze door met een boek over haar eigen familie, Het zwijgen van Maria Zachea. Recent publiceerde ze de veelgeprezen biografie van Etty Hillesum.

Judith Koelemeijer woont samen met haar man en dochter van dertien, haar zoon van 23 is inmiddels het huis uit. “Ik begon in Amsterdam ooit op een kamer in Zuid bij iemand. Op een dag stond de zedenpolitie voor de deur. Of ik ooit last had gehad van meneer? Ik was jong en heel naïef en ik zei: nee hoor, en bleef er gewoon wonen.” Na enkele omzwervingen kocht Judith een huis in Watergraafsmeer, na het schrijven van de bestseller Het zwijgen van Maria Zachea. Lachend: “Toen begrepen ze bij de bank niet dat dat tijdelijke bestseller-inkomen weinig garantie bood voor de toekomst.”

Waar woon je?
“In een oud, katholiek hof met een kerk. Het was meteen alsof ik weer in het dorp van mijn jeugd was, Wormer, waar ik naar een katholieke lagere school ging, en naar de kerk. Er spelen hier nog kinderen op straat. Ik was er meteen verliefd op. Mijn man niet. Die vond het te ver van het centrum en wilde eerst kijken of hij vanaf hier wel naar de Dam kon lopen.”

Is de buurt erg veranderd?
“Oost, en zeker Watergraafsmeer, is de afgelopen twintig jaar een beetje Amsterdam-Zuid geworden. Soms zie ik een stel lopen met een wandelwagen en denk ik: werkelijk alles was ze dragen is crèmekleurig en zelfs de kinderwagen matcht erbij. Maar dat gevoel voert niet de boventoon. In de Albert Heijn hoor je nog plat Amsterdams.”

Wat doe je veel in de buurt?
“Ik loop veel. We hebben veertien jaar een hond gehad. Elke ochtend gingen we naar Park Frankendael. Dat is een ritme geworden. Ik ga nog steeds elke ochtend eerst wandelen. Dan zingen er scènes door mijn hoofd, ik mompel en soms stop ik om een inval in te spreken op mijn telefoon. Mensen zullen wel denken: is zij wel goed bij haar hoofd? Het zijn voorbereidende schrijfwandelingen.”

Bezoek je weleens koffietentjes?
“Nee. Die zijn er wel veel gekomen, van die espresso koffiewinkeltjes waar mensen hun laptop openslaan. Ik werk gewoon thuis. Daar is ook lekkere koffie en veel goedkoper. Ik ga wel af en toe uiteten. Onze laatste ontdekking is Mister Chen op de Linnaeusstraat. Van de buitenkant ziet het eruit als een Chinees uit de jaren zeventig. Maar het is ontzettend lekker eten, en altijd rustig. De garnalen met five spices zijn zo zacht en zo goed! Het is een geheimtip. We kwamen er door mijn dochter, zij houdt van ramen.”

Waar doe je boodschappen?
“Een goede bakker in de buurt vind ik belangrijk. Je hebt hier Johnny en Marica van der Horst op de Linnaeusparkweg. Marica komt oorspronkelijk uit Kroatië, haar spreek ik al twintig jaar. Het interieur is nooit veranderd en het assortiment ook niet. Maar het is heel goed brood. En zij zijn ontzettend vriendelijk. Een goede Volendamse visman zit op de Middenweg. Als zij praten, versta je ze niet en met de kermis zijn ze drie dagen dicht. Door het kledingwinkeltje De Klaproos hoef ik de stad niet in. Voor de doorsnee vrouw uit Watergraafsmeer verkopen zij. Niet te tuttig, niet te hip, verschillende merken. Daar kom ik graag.”

Sport je hier ook?
“Onlangs heb ik de OosterGym ontdekt, ook door mijn dochter. Daar kun je best eens heen, want er zijn heel veel mensen van jouw leeftijd, zei ze. Het is een sportschool waar de hele buurt zich thuis kan voelen, een hele ongedwongen sfeer. Ik houd niet van die apparaten, maar ze hebben goede yogalessen en pilates.”

Je schrijft een vervolg op Het zwijgen van Maria Zachea…?
“Afgelopen voorjaar heb ik het contract ondertekend in restaurant De Kas in Park Frankendael. Wat ze daar doen met de groente die ze zelf verbouwen is heel bijzonder. De werktitel is: De tuin van mijn vader. Mijn vader had samen met zijn broers een hoveniersbedrijf, hij maakte tuinen. Ik wil me focussen op de jaren zeventig en het idealistische gezin waaruit ik kom. De tuin is een metafoor voor het geloof in maakbaarheid van de generatie van mijn ouders.”

Je geeft sinds kort ook Nederlandse les aan anderstaligen?
“Ja, vorig jaar heb ik de opleiding voor NT2-docent gevolgd. Nu geef ik een avond per week les op de VU aan internationale studenten, expats en jonge vluchtelingen. Ze beginnen bij nul en binnen negen weken hebben ze gesprekjes. Dan zit Amerika met Iran te praten, en Syrië met Turkije en India met Australië. Dat is heel hoopvol in deze woedende wereld. Er wordt ontzettend veel gelachen.”

Zijn er dingen die je minder leuk vindt aan Oost?
“Ik woon in een oude buurt, er wordt voortdurend verbouwd. Een pand aan de overkant van de binnentuin is totaal gestript en toen dat klaar was begonnen ze twee panden verder.”


Foto: In de tuin van restaurant De Kas in Park Frankendael.