De deur van de nieuwe koffiebar in de Copernicusstraat stond wijd open, terwijl het nog fris was. Ik ging binnen zitten en keek naar buiten.
Een jaar lang was mijn straat in de greep geweest van gegraaf, gestamp en geram. Nu waren de draglines en bulldozers verdwenen en was het eindelijk rustig, godzijdank. Zo rustig dat het me opviel dat alles er nu weliswaar keurig bij lag, maar dat het zonder bomen, struiken en vogels wel een hele kale, om niet te zeggen: kille straat leek.
Ik bestelde een cappuccino.
Sommige buurtgenoten hebben hun twijfels over Borista, zoals de zaak heet. Alle bedrijfjes immers, die ooit in dit hoekpandje zaten, zijn gesneuveld in de strijd om de hongerige klant.
De eerste zaak die ik meemaakte was van Surinaams-Chinese aard. Alle gerechten werden in dezelfde wok bereid, en hygiëne had niet altijd de prioriteit. Toch vond ik hun roti’s lekker. Op een koude nacht hadden de eigenaars hun schaarse bezittingen in een busje geladen en waren vertrokken met de noorderzon. Arme mensen, dacht ik – in beide betekenissen van het woord.
Daarna kwamen de Pizzabakkers. Dat ging best goed, tot er een andere pizzeria met een nog grotere steenoven in de buurt kwam, toen sneefde ook deze tent.
En nu zit Borista erin, en geloof het of niet, die tent loopt als een tierelier. Studenten, hippe moslimmeiden, pensionado’s, ouders met kroost, wegwerkers… het is een en al diversiteit en drukte.
Waar het aan ligt? De inrichting is niet spectaculair en de kaart niet enorm uitgebreid, maar er staan uitnodigende banken en terrastafels buiten en binnen staat Braziliaanse bossanova op.
De zaak is vernoemd naar Boris, het hondje van de goedlachse barista Nayla, die zelfs een eigen Instagramaccount heeft (de hond dus). De koffie is niet te prijzig, de taart behoorlijk lekker en je kan er zelfs een ‘babyccino’ krijgen; een kop warme, opgeschuimde melk met cacaopoeder of kaneel erover die je zonder zorgen aan je kind kunt geven terwijl jij als hippe mama of papa in een te koud aprilzonnetje buiten kan gaan doen of het al 25 graden is.
Maar, dacht ik: je kan er wel cynisch over doen, Boots, maar Borista maakt onze buurt, die jarenlang in de greep was van de bouwmanie, nu toch een stukje gezelliger. Een tikkeltje warmer. Nu nog wat gras, wat nieuwe bomen en mooie struiken in de groenvakken en wie weet blijf ik er dan nog dertig jaar wonen.










