Van Erven Dorens geeft een cijfer

‘Regentendom, kleinburgerlijkheid, ambitie en verval’

In deze rubriek schrijf ik vooral over gebouwen die net uit de steigers zijn, of zelfs nog in de steigers staan. Daarom voor de verandering eens een stuk over een iets ouder gebouw, het rijk geornamenteerde, in neorenaissancestijl opgetrokken Tropenmuseum van architect Jo-hannes van Nieukerken.
Ik schrijf met opzet ‘iets’ ouder om de lezer te sarren die denkt dat het Tropenmuseum een oud gebouw is. Neen, het Tropenmuseum is in 1926 geopend. 1926! Ruim nadat Adolf Loos in 1908 zijn invloedrijke lezing hield met de titel ‘Ornament en Misdaad’ waarin hij betoogt dat het misdadig is om ambachtslieden hun tijd te laten verspillen met het maken van nutteloze ornamenten. Ruim nadat Berlage in 1897 zijn strakke ontwerp voor de Beurs presenteerde. Het ontwerp van het Tropenmuseum was, kortom, al passé toen het op de tekentafel lag. Wat wil je ook met een getalenteerde bejaarde architect en twee minder getalenteerde zoons in de zaak. Dit is niet alleen een verhaal over een mislukt gebouw. Dit gaat over regentendom, kleinburgerlijkheid, ambitie en verval. Denk je eens in hoe de Mauritskade er bij lag in 1926.
In 2017, op een doordeweekse dag om half tien ’s ochtends, heerst er de kalme sfeer van een provinciestad. Honderd jaar geleden moet Amsterdam een oase van rust geweest zijn. Af en toe komt er een paard en wagen langs, elk halfuur de elektrische tram. In die tijd werden de grote architectuuropdrachten gegund door katholieke regenten aan katholieke architecten. Door protestantse regenten aan protestantse architecten.
De opdracht voor het Tropenmuseum werd gegund aan Johannes van Nieukerken, mede onder invloed van de belangrijkste sponsor van het project, oliebedrijf Shell. Van Nieukerken had eerder het hoofdkantoor van Shell in Den Haag gebouwd. Het ontwerp van de oude Van Nieukerken werd, mede onder invloed van de twee minder getalenteerde zoons, een slap aftreksel van het Amsterdamse Centraal Station (1881) en Rijksmuseum (1876). De over-eenkomst zit hem in de stijl – neorenaissance vermengd met neogotiek – en de dubbele symmetrische kasteeltorens. Waar de ornamentiek van Centraal Station en Rijksmuseum uitbundig en krachtig is, lijkt het of de ornamenten van het Tropenmuseum getekend zijn door een depressieve ploeg tekenaars. Als je het doet, doe het dan goed.

Tropenmuseum: *****

Rubriek: Jan geeft Sterren