‘Sterke veehouderij is cruciaal voor Europa’

Jessika van Leeuwen is lid van het Europees Parlement voor BBB en maakt deel uit van de fractie van de Europese Conservatieven en Hervormers. Als schaduwrapporteur – zeg maar medeonderhandelaar – heeft zij meegewerkt aan een rapport van het Europees Parlement over de toekomst van de veehouderij.

De Europese Unie (EU) heeft als één na grootste vleesproducent en grootste melkproducent ter wereld een sterke positie. Behalve dat de veehouderij financieel van belang is, is de sector ook cruciaal voor een evenwichtige voeding en voor de Europese voedselzekerheid, voor onze economie en voor de vitaliteit van ons platteland. De sector moet dus beschermd worden, zegt het rapport, maar deze moet wel duurzamer, weerbaarder en toekomstbestendiger worden.

Van Leeuwen pleit daarom onder andere voor meer steun via het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid, meer ruimte voor innovatie en betere toekomstperspectieven voor jonge boeren. Ook wil ze meer investeringen in vaccinaties en preventie en opsporing van dierziekten. Verder moet de EU voorkomen dat Europese boeren worden weggeconcurreerd door import uit landen met lagere standaarden op het gebied van milieu, dierenwelzijn en diergezondheid.

Volgens van Leeuwen hangen veel van deze oplossingen samen met innovatie. Daarin ziet ze een heel grote rol weggelegd voor Nederland. “Ik vind dat we de verkeerde perceptie hebben dat efficiënte, intensieve veehouderij gelijkstaat aan een heel grote milieudruk. Dat is niet zo. Wat mij betreft is de kernboodschap dan ook ‘innoveren, en niet extensiveren’. Met onze Nederlandse innovatiekracht kunnen we de milieuvoetafdruk van de veehouderij met tot wel 90% verminderen en zo dus een enorme bijdrage leveren aan de doelstellingen van de Europese Commissie voor de circulaire bio-economie.”

Nederland kan hierin als gidsland fungeren voor de hele EU. “Ik durf zelfs te beweren dat als de Nederlandse veehouderij zou stoppen Europa zeker 5 tot 10 jaar zou gaan achterlopen qua innovatiekracht”, zegt van Leeuwen. Onze agrarische bedrijven en innovators zijn dus broodnodig; niet alleen om zelfvoorzienend te worden als Europa en minder te lijden onder bijvoorbeeld transportblokkades, maar ook om de Europeanen van kwaliteitsvoedsel te voorzien en om onze boeren een eerlijke prijs voor hun producten te kunnen geven.

Voor Nederland is het dossier extra relevant. Door onze sterke landbouw- en voedselsector merken wij Europese keuzes direct in de wei, in de supermarkt en in onze gezondheid. De boodschap van Europarlementariër van Leeuwen is dan ook helder: Europa moet door te innoveren boeren vooruithelpen, zodat voedselvoorziening, duurzaamheid en een leefbaar platteland hand in hand kunnen gaan.