Acteur Harpert Michielsen bungelt aan de Pythonbrug. ‘Een docent zei ooit: je moet willen winnen’

De liefde voor toneel en geschiedenis komt voor acteur Harpert Michielsen (56) samen bij Stand-up History. “Eigenlijk zou ik Michiel heten, naar Michiel de Ruiter, maar Michiel Michielsen vonden mijn ouders niks.” Zo werd het Harpert. “Het is gewoon Herbert, maar dan anders geschreven. Mijn ouders hadden wat met zeehelden en omdat Michiel dus geen optie was, werd ik vernoemd naar Maarten Harpertszoon Tromp, een zeer bijzondere persoon uit de Nederlandse geschiedenis.”

Geheel toevallig ben jij geschiedenis gaan studeren aan de UvA.
“Vanuit het zuiden ben ik naar Amsterdam gekomen. Ik had auditie voor de Toneelschool gedaan, werd ook aangenomen, maar stopte na een jaar. Toen ben ik geschiedenis gaan doen. Op de lagere school vond ik het al een geweldig vak. Piramides, kathedralen, maar ook de Middeleeuwen en de Tweede Wereldoorlog, prachtig! Maar in het derde jaar deed ik auditie bij de Toneelschool Maastricht en daar werd ik aangenomen. Ik was inmiddels 23 en ik dacht: als ik het nu niet doe, dan ga ik het nooit meer doen.”

Toneelschool Maastricht staat bekend als hard.
“Er vallen veel mensen af, dat klopt. En Maastricht staat bij sommigen ook te boek als de beste toneelschool, terwijl er ook geweldige mensen van Amsterdam en Arnhem komen. Maastricht had ooit een geweldige lichting met Pierre Bokma, Gijs Scholten van Aschat en Hans Kesting. Toen hebben ze hun reputatie opgebouwd.”

Wat moet je eigenlijk kunnen als acteur?
“Toneelspelen. Zingen misschien, maar dat hoeft niet per se. Het gaat om spelen, begrijpen en dat vertalen op de vloer. Schakelen, snel denken, snel begrijpen, samenspelen en vooral eager zijn.”

Wat bedoel je daarmee?
“Een docent zei ooit: je moet willen winnen. Dat komt in de richting. Maar als je op het toneel staat, in de scène, moet je alles geven. Honderd procent, niet vijfennegentig. Die attack is heel belangrijk.”

Na je afstuderen kwam je bij De Trust terecht.
“Dat was te gek. Maar ik heb heel lang moeten vechten en ook worstelen met mezelf om duidelijk te krijgen wat ik in dit vak moest. Ik ben niet echt een acteur die strak bij gezelschappen speelt en een half jaar lang in de bus stapt om ergens in het land een voorstelling te spelen. Dus ik heb allerlei andere wegen bewandeld en nu ben ik zowel acteur als een storyteller over kunst en geschiedenis. Ik werk ook in het Rijksmuseum en ik maak stukken over historische figuren.”

Dat noem je Stand-up History. Ik had eerlijk gezegd nog nooit van het genre gehoord.
“Het is een mix tussen stand-up en een college. Ik maak intieme voorstellingen over bijzondere Amsterdammers van wie je de straatnaam wel kent, maar geen idee hebt wie ze nou echt zijn. Ik maakte de voorstellingen Sarphati: een ongekende volksheld en Hoezo Spinoza?

Je hebt ook gespeeld in De Luizenmoeder en Goede Tijden, Slechte Tijden.
“Ook dat was superleuk en weer anders dan bijvoorbeeld een huiskamervoorstelling over Sarphati te spelen. De Luizenmoeder had een goed script en geweldige acteurs. Iets als Goede Tijden klinkt wellicht makkelijk om te doen, maar het is heel hard werken met veel scènes op de dag. Ik heb net een tournee gedaan met twee hoofdrolspelers uit de serie die er al dertig jaar in spelen. Je kan er een heel leven op bouwen. Momenteel ben ik overigens te zien in de televisieserie Dag & Nacht.”

Van Dag & Nacht naar jouw favoriete plekken in Oost.
“Hier in De Jonge Admiraal in de Javastraat waar we nu dit interview doen drink ik graag koffie. Het is een gemoedelijk tentje, een soort klein Berlijn, een beetje hip met een jaren negentig vibe.”

De Javastraat wordt door velen in deze rubriek benoemd als hun favoriete straat.
“Ik ben daar geen uitzondering op, mede omdat het een geweldige mix is van alles. Van Zeeman en een Marokkaanse bruidsmodewinkel tot hippe barretjes en een boekwinkel. Ik hoop dat het wel zo blijft en niet doorslaat naar een bepaalde kant.”

Waar eet je graag?
“De Oceaan op de Borneokade bij René en Parel. Het is een buurtkroeg en eetcafé. Ik kom er graag, die plek betekent veel voor de buurt. Op Borneo-eiland zit Sham Oost en daar kun je heerlijk Syrisch eten.”

Ben je van het sporten?
“Ik ben net weer een beetje begonnen met pilates en ben ook wel aan het hardlopen, maar dan weer wel en dan weer niet. Toen ik nog in West woonde ging ik sporten bij David Lloyd: fitness, krachttraining en cardio en daarna even het zwembad in. Jammer dat je dat niet in Oost hebt.”

Waar ga je naartoe als je de stad verlaat?
“Ik ga graag naar Maastricht, waar mijn schoonouders nog steeds wonen. Een beetje rondlopen in het centrum, het Stokstraatkwartier en bij de oude toneelschool. Iets verderop vind ik het heel fijn om op de Pietersberg te lopen. Hier in Amsterdam mis de ik heuvels wel af en toe.”