Op Zeeburgereiland, waar nu stadsnomaden én de Romafamilie Petalo wonen, verrijst over enkele jaren een luxe woonwijk. Woonwagens maken plaats voor appartementen van meer dan een miljoen. Maar waar gaat de familie Petalo wonen?
De toekomstige Baaibuurt ligt in de zuidwesthoek van Zeeburgereiland. Tussen de Zuiderzeeweg en de Mond van het Amsterdam-Rijnkanaal, vlak voor de plek waar de Amsterdamsebrug een bocht maakt langs het Flevoparkbad. Decennialang was het een rafelrand, maar straks is het een stedelijke toplocatie. De huidige bewoners horen met hun caravans, woonwagens en andere bouwsels tot de armste inwoners van de stad. De residenties van de toekomstige Baaibuurtbewoners vormen straks een rijke wijk. Het doet denken aan de film en tv-serie Flodder uit de jaren tachtig en negentig. Daarin trekt een ongepolijste vrijbuitersfamilie naar een villawijk. Al is het nu precies andersom, de rijken vestigen zich in het gebied van de eigenzinnige kampers, waaronder de Romafamilie Petalo.
Osdorp
Tijd voor een Amsterdams Flodder-experiment? Er komt immers een percentage sociale huurwoningen. Wat zou het inclusief zijn als de familie Petalo, die al sinds begin jaren negentig op Zeeburgereiland woont, een 21ste-eeuws woonwagenkavel mag bebouwen.
Maar Amsterdam-Oost voegt zich de laatste jaren bij de welgestelde stadsdelen als Zuid, Centrum en West binnen de ring. Dus heeft de gemeente Amsterdam een nieuwe plek gevonden voor de Petalo’s in een heel ander stadsdeel. De Osdorperweg in Nieuw-West, vlak bij De Punt. Deze buurt van Osdorp geldt als een van de meest kwetsbare wijken van Nederland. Het staat boven aan tal van lijstjes met ernstige grootstedelijke problematiek. In Osdorp zijn de bewoners zeer geschrokken, ze zien op tegen de komst van de familie die de afgelopen dertig jaar een reputatie opbouwde.
Vanuit welke gedachte wordt de familie Petalo – die maar weinig fysieke ruimte inneemt – verplaatst uit een kansrijk stadsdeel naar een achterstandswijk in Nieuw-West? Het illustreert de voortschrijdende segregatie van Amsterdam. Met kleine manoeuvres schoont de gemeente rijke stadsdelen op. Centrum, Zuid en Oost worden veiliger door onwelgevallige zaken te verplaatsen naar arme stadsdelen. Zuidoost, Nieuw-West en Noord fungeren regelmatig als afvoerputje. Enkele jaren geleden werden de zoeklocaties voor windmolens bij IJburg en het Science Park uit het stadsdeel geweerd. Die staan inmiddels in Noord en Nieuw-West(poort) gepland. Zo lukt het ook om een problematische familie te verplaatsen naar een zwak stadsdeel. Dat die toch al het gros van de sociale huurwoningen, woonwagenkampen en daklozenopvang huisvesten, jammer-dan. Zwakke stadsdelen hebben trouwens een beduidend lager aantal hoogwaardige voorzieningen. Hogescholen en universiteiten, musea, culturele hoofdpodia en theaters, topsportaccommodaties, hoofdkantoren en directies van gemeentelijke diensten staan vooral in Centrum, Oost en Zuid. Lang leve de rechtvaardige stad.
Maar tijdens de gemeenraadsverkiezingen oreren lokale politici natuurlijk weer doodleuk over die ongedeelde stad. Het zijn loze kreten, want geen van de partijen concretiseert dat met het voorstel van een lokale ‘Spreidingswet’. Bijvoorbeeld: inventariseer per stadsdeel alle woningsoorten, voorzieningen en (overlastgevende) functies, positief versus negatief. Op basis van een scorekaart kunnen we de lusten en lasten – die nu nog extreem scheef over de stad zijn verdeeld – rechtvaardig spreiden.
Wat de familie Petalo betreft: ze wonen al dertig jaar in Oost en hebben recht op een plek in een kansrijk stadsdeel. In Flodder was dat voor de rijken een waardevolle spiegel.


